Een ieder die zich sturend of uitvoerend met protocollering bezighoudt.
De deelnemer dient blok 1 en 2 gevolgd te hebben.
 

 

Wanneer men de kwaliteit en bruikbaarheid van protocollen wil verbeteren kan men in minder tijd een veel beter resultaat bereiken door volgens een bepaalde systematiek te werken.
 

 

In deze module wordt gekeken in hoeverre de deelnemers de in blok 2 besproken aanwijzingen uit het het ISTO-model zelf kunnen toepassen.
 

 

In deze module gaan de deelnemers zelf protocolteksten verbeteren. Zij krijgen steeds een tekst van twee tot vier regels, die zijn overgenomen uit bestaande protocollen. De deelnemers moeten de tekst verbeteren met de in blok 2 opgedane kennis. Na elke oefening worden de resultaten bediscussieerd.
 

 

Deelnemers kunnen middels het opeenvolgend toepassen van verschillende aanwijzingen een protocol steeds verder verbeteren.